Dit retrofit-artikel legt uit hoe je een AUTOMATiQ naafinterface op de juiste manier op een wiel monteert, ter vervanging van het huidige Automatic of Harmony-systeem van je eBike.
Dit maakt deel uit van een serie van 5 retrofit-artikelen om de nieuwe AUTOMATiQ te monteren.
Retrofit index
Lijst van alle AUTOMATiQ retrofit artikelen, per deel:
-
Intro - Assemblageopties van de interface
- Deel 1.A - Huidige systeem is Automatic+ of Harmony H|sync
- Deel 1.B - Huidige systeem is Automatic of Harmony
- Deel 1.C - Huidige systeem is handmatig
- Deel 2 - Assemblage achterwiel
- Deel 3 - AUTOMATiQ configuratie
- Deel 4 - AUTOMATiQ kalibratie
- Deel 5 - Optioneel CLiQ controller assemblage en koppeling
Benodigdheden
Bij de retrofit van een fiets met enviolo zal je altijd een paar onderdelen nodig hebben. Als retailer kan je deze kopen via: orders.enviolo.com.
Standaardonderdelen
Bij elke retrofit heb je altijd de volgende enviolo onderdelen nodig:
| AUTOMATiQ interface | Magneetring naaf |
Magneetring tandwiel
|
Je hebt ook een van de onderstaande kabels nodig:
| BOSCH BES1 en BES2 (naast de Bosch Y-kabel) | Harmony retrofit kabel (naast de Bosch Y-kabel van de oude Harmony set-up) | BOSCH BES3 HPP kabel | Kabel met open uiteinde |
Extra items
Naast de standaarditems, kan je optioneel nog een CLiQ controller toevoegen, die je op een later moment kan koppelen met de interface voor het aanpassen van de cadans.
Afhankelijk van de situatie heb je nog een Y-kabel nodig om de AUTOMATiQ interface te koppelen met de aandrijving.
| enviolo CLiQ controller | Y-kabel (voorbeeld) | BOSCH Gen2-kabel (voorbeeld) |
Video-instructies
Magneetringen
AUTOMATiQ interface
Stapsgewijze instructies
1 - Gebruik de juiste kabels
We bieden 3 kabelvarianten aan:
-
J6 - Kabel met open uiteinde, voor specifiek op maat gemaakte oplossingen
- WIRE-AT3-DS1K-OE (1000 mm)
-
J6 - J15 BOSCH BES2 (Gen2, Gen3 en Gen4)
- WIRE-AT3-400-OE (400 mm)
- WIRE-AT3-600-OE (600 mm)
-
J6 - J10 BOSCH BES3
- WIRE-AT-600-OE-12V (600 mm)
- WIRE-AT-800-OE-12V (800 mm)
Weet dat sommige partners (bijvoorbeeld Serial 1, FIT en Specialized) hun eigen kabels aanbieden.
Kabel met open uiteinde voor op maat gemaakte oplossingen
Als je iets op maat maakt, dan is het goed om het volgende in de gaten te houden:
- Input for de nieuwste AUTOMATiQ (OE-1) moet tussen de 9.5 - 55V zijn. Voor oudere AUTOMATiQ (OE) versies tussen 18-55V.
- Gebruik de WIRE-AT3-DS-OE-kabel met open uiteinde en koppel deze met de motor.
- Bekijk ook dit artikel voor meer informatie over AUTOMATiQ-kabels met open uiteinde.
Garantie als je gebruikt maakt van een kabel met open uiteinde
Raadpleeg altijd eerst de plaatselijke garantieregelgeving voordat je aangepaste oplossingen gebruikt. Als je de AUTOMATiQ op de motor aansluit met een aangepaste kabel met open uiteinde, hebt u mogelijk goedkeuring nodig van de fabrikant van de motor om te voorkomen dat je de garantie op de motor verliest.
2 - Demonteer de oude magneetringen
De oude magneetringen (zie onderstaand voorbeeld) zullen niet meer correct werken met de nieuwe AUTOMATiQ (bijv. kalibratie zal niet meer werken).
Gebruik daarom magneetringen van het huidige model. De huidige magneetringen hebben gele stickers aan de binnenkant (zie hieronder).
Oude magneetringen
De oudere magneetringen zijn hieronder afgebeeld.
- A - Automatic, Automatic+ (deze hebben een witte sticker aan de binnenkant).
- B - Harmony, Harmony H|sync (lijkt alsof ze onderdeel zijn van de naafhuls).
Benodigdheden
- 2,5mm inbus
- Platte schroevendraaier (optioneel)
Instructies demontage
Verwijder de oude magneetring van het tandwiel
- Verwijder de oude magneetring bij het tandwiel.
Verwijder de oude magneetring van de naafhuls
Voor de Automatic of Automatic+ ring:
- Verwijder de oude magneetring met de 2,5mm inbus.
Voor de Harmony of Harmony H|sync ring/schijf:
- Verwijder de oude magneetschijf.
- Gebruik een platte schroevendraaier om de schijf omhoog te duwen.
- Let op, het lijkt alsof deze magneetschijf onderdeel is van de naafhuls. Dit is niet geval.
3 - Monteer de nieuwe magneetringen
De enviolo AUTOMATiQ systemen worden geleverd met een magneetring voor het tandwiel (A) die op de gemonteerde snapring voor het tandwiel op de naaf moet worden bevestigd. De twaalf magneten op de magneetring zorgen voor de trapfrequentie van het AUTOMATiQ systeem.
Daarnaast hebben de AUTOMATiQ systemen ook een magneetring op de naaf(B) nodig die over de rand van de naafhuls bevestigd moet worden. Zes magneten in de naafmagneetring zorgen voor de eBike-snelheid voor het AUTOMATiQ systeem.
Je moet ze allebei monteren om het systeem te laten werken.
Benodigdheden
- 2,5mm inbus
- Magneetring tandwiel
- Magneetring naaf:
Montage-instructies
Monteer de magneetring op het tandwiel
- Monteer het tandwiel op de naaf.
- Plaats de spacer op het tandwiel (niet nodig bij een Gates tandwiel).
- Monteer de snapring
- Monteer de magneetring voor het tandwiel op de al gemonteerde snapring(A).
- Zorg ervoor dat de kant met de magneten naar binnen gericht is, dus wijzend naar het tandwiel.
- Zorg ervoor dat de opening van de magneetring gelijk staat met de opening van de snapring.
Monteer de naafmagneetring op de naaf
- Monteer de naafmagneetring over de rechterzijde van de naaf.
- Bevestig de magneetring met de meegeleverde sluiting (D).
- De sluiting moet mogelijk worden losgedraaid om de eerste montage mogelijk te maken..
- De magneetring moet naar buiten gericht zijn naar de flens met de grootste diameter en naar binnen gericht zijn naar de sluiting.
- De magneetring mag niet te veel uitsteken en moet uitgelijnd zijn met het platte oppervlak van de naaf (zoals hieronder getoond).
- Draai de bevestiging vast met een aanhaalmoment van 1,0 Nm.
- Zorg ervoor dat het bevestigingspunt niet op een van de buitenste spaken zit.
4 - Monteer de AUTOMATiQ interface
Je kan de AUTOMATiQ installeren op twee verschillende astypes:
- 135mm vaste as
- 148mm modulaire as
Volg de juiste instructies voor jouw fiets.
Op een 135mm vaste as
Benodigdheden
- Kraspen of marker
- Momentsleutel met 17mm dop
Montage-instructies
- Gebruik de niet geïnstalleerde interface om de gewenste oriëntatie te bepalen.
- De oriëntatie moet naar voren gericht zijn, parallel aan de liggende achtervork, met de AUTOMATiQ connector naar voren gericht (A).
- De oriëntatie moet naar voren gericht zijn, parallel aan de liggende achtervork, met de AUTOMATiQ connector naar voren gericht (A).
- Beweeg de AUTOMATiQ interface langs het uitvaleinde om speling te verkrijgen bij verschillende asposities (B).
- Gebruik een kraspen of markeerstift om de interface in het midden van het uitvaleinde te markeren.
- Verwijder de anti-shift retainer, indien aanwezig.
- Hang de AUTOMATiQ interface over de rechteras en lijn de asvlakken uit met de gemarkeerde positie.
- Er kan een niet-meedraaiende washer over de AUTOMATiQ interface worden aangebracht om de montagehoek uit te lijnen..
- Als de montagehoek is uitgelijnd, plaatst je de AUTOMATiQ interface volledig op de as.
- Schroef de rechtermoer, met de vertanding naar buiten, op de as.
- Zet deze vast met 8-10 Nm.
Op een 148mm modulaire as
Benodigheden
- 17mm (platte) sleutel
- Momentsleutel met 17mm dop
- 5mm inbussleutel
- 3mm inbussleutel
Assemblage-instructies
-
Gebruik de niet geïnstalleerde interface om de gewenste oriëntatie te bepalen.
-
De oriëntatie moet voorwaarts zijn, parallel aan de liggende achtervork, met de AUTOMATiQ hoofdaansluiting naar voren gericht (A).
-
De oriëntatie moet voorwaarts zijn, parallel aan de liggende achtervork, met de AUTOMATiQ hoofdaansluiting naar voren gericht (A).
-
Beweeg de AUTOMATiQ interface een beetje voor naar achter en check of er speling is in de verschillende asposities (B).
-
Zorg dat de positie van de interface overeenkomt met de positie van de reactiearm aan de andere (linker) kant van de naaf.
-
Plaats de reactiearm op de as en oriënteer hem in een hoek zodat hij in de nok op de remadapter of het uitvaleinde glijdt.
- Let op: De reactiearm kan slechts in drie posities worden gemonteerd.
-
Plaats de reactiearm op de as en oriënteer hem in een hoek zodat hij in de nok op de remadapter of het uitvaleinde glijdt.
- Zet de reactiearm vast met een 3 mm inbussleutel.
- Wanneer de montagehoek is uitgelijnd, plaats je de AUTOMATiQ naafinterface volledig op de as.
-
Schroef de rechtermoer, met de vertanding naar buiten, op de as.
- Zet vast met 8-10 Nm.
Ga door met de volgende stap
Ga door naar - Retrofit naar AUTOMATiQ - Deel 2: Montage van het achterwiel
Als je het achterwiel monteert, sluit je de voedingskabel aan op de interface.